(W)all Inclusive Hildegardis​​school

(W)all Inclusive Hildegardisschool

Bingenstraat 4 Rotterdam – 2025

Leren over de natuur

De groene gevel heeft niet alleen ecologische, maar ook educatieve waarde. De leerlingen van de Hildegardisschool krijgen de kans om op een laagdrempelige en inspirerende manier kennis te maken met de natuur, insecten en het belang van biodiversiteit in hun eigen leefomgeving.

Modules

Binnen dit project zijn drie verschillende modules toegepast, allemaal vervaardigd uit circulaire materialen. Deze modules hebben verschillende functies maar dezelfde stoere uitstraling:

Muurplant module: Deze modules zijn ontworpen om na verloop van tijd spontaan begroeid te worden door lokale muurplanten. Dit proces van verwildering bevordert de lokale biodiversiteit en draagt bij aan een zelfvoorzienend ecosysteem. De modules zijn gevuld met een mengsel van puin (90%), aarde en schapenwol.

Klimplant module: De gevel is uitgerust met klimsteunen waarop zorgvuldig geselecteerde klimplanten groeien. Het gaat om een mix van wilde inheemse en niet-inheemse soorten. Deze klimplanten trekken insecten en andere dieren aan die al in de omgeving voorkomen, zorgen voor verkoeling op warme dagen en fleuren de buurt op met hun uitbundige bloei.

Nestkast module: In de module zijn vijf nestkasten geplaatst voor huismussen, die bij voorkeur in kolonies leven. Omdat huismussen al in de buurt aanwezig zijn, is de hoop dat zij deze nieuwe nestplekken snel zullen ontdekken en benutten.

Ontdek welke soorten hier voorkomen

Partners in dienstverlening: Gemeente Rotterdam (wijknetwerker en vergunningen), Rotterdams Weerwoord (subsidie), CityLab010 (subsidie), Bureau Stadsnatuur (advies), Woonstad Rotterdam (beschikbaar stellen gevel), Hildegardisschool (beschikbaar stellen schoolplein), Summum Engineering (constructieberekeningen), Gebroeders Kraaijeveld Barendrecht (uitvoering).

Partners in materialen: Superuse Studios (contourplaten), Office Trader (tweedehands HPL), GKB (puin, schapenwol en aarde),  GroenGoed (herplaatste planten en houtsnippers).

De huismus (Passer domesticus) is een kleine zangvogel, zeer bekend in Nederland. Toch zit de huismus in het nauw: de afgelopen decennia is het aantal gehalveerd. Een van de oorzaken is dat ze steeds meer moeite hebben om een plekje te vinden om te broeden. De mus blijft doorgaans rond dezelfde plek wonen. Dat is meestal een aantal nestplekken vlak bij elkaar.

De wilde kamperfoelie (Lonicera periclymenum) is een in West-Europa algemeen voorkomende, overblijvende, bladverliezende liaan. De kruipende of rechtswindende, houtige stengels kunnen 2–10 m lang worden. De roomwitte, 3–5 cm grote bloemen hebben een aangename geur. De bloeiperiode is van juni tot september. De rode vruchten zijn enigszins giftig.

De bosrank (Clematis vitalba) is een houtige klimplant die voorkomt in bossen en kreupelhout op kalkhoudende gronden. Het kan tot 30 meter lang worden. De plant bloeit van juni tot augustus en verspreidt dan een onaangename geur. De bosrank draagt lang behaarde dopvruchtjes met lang pluimpje.